Mijn naam is Wolf. Ik ben tekstschrijver, en iemand die regelmatig verdwaalt in haar eigen gedachten. Vaak midden in de stad, soms in de supermarkt, meestal ergens tussen ironie en ernst.
Ik schrijf een blog – of online columns, zoals ik het zelf interessanter noem. Of er in deze tijd van eindeloos scrollen, dopamine-opdrogende content en visueel geweld nog ruimte is voor het lezen van langere teksten, bespreek ik regelmatig met de mensen van mijn favoriete boekhandels. Meestal komen we uit op: ja, als het goed is, wel.
Met collega-copywriters gaat het gesprek inmiddels minder vaak over tone of voice of stijlkeuzes, en steeds vaker over iets fundamentelers: of er überhaupt nog ruimte is voor tekstschrijvers in een tijd waarin alles in ChatGPT gemaakt lijkt te worden. Of er nog iets van waarde overblijft in een vak dat steeds efficiënter wordt geautomatiseerd. We komen er niet altijd uit. Maar ik weet wel dat ik hier iets maak wat nergens automatisch vandaan komt. Iets dat bewust is geschreven door een mens voor een mens.
Of dat slim is? Waarschijnlijk niet. Volgens elk onderzoek en elk adviesrapport is dit niet de juiste vorm, niet het juiste kanaal, en zeker niet het juiste moment. Maar ik doe het toch. Misschien zie ik het als een sociaal experiment. Misschien ook gewoon als iets wat ik niet kon laten.
Deze blog is voortgekomen uit de simpele behoefte om ergens woorden aan te geven. Aan wat ik zie, meemaak, opmerk. Aan ergernissen, verwondering en het dagelijkse ongemak van mens-zijn in een overprikkelde stad.